NEN-EN 795 uitgelegd: eisen aan ankerpunten
NEN-EN 795 is de norm voor verankeringssystemen die als persoonlijk beschermingsmiddel bij valbeveiliging worden gebruikt, onderverdeeld in typen naar bevestigingswijze: van een enkelvoudig ankerpunt tot een mobiel ankerpunt, een kabelsysteem, een railsysteem of een doodgewicht-anker. Het belangrijkste om te weten voordat je een leverancier kiest: voor drie van deze vijf typen, waaronder juist de meest gebruikte, geeft een EN 795-certificaat géén CE-keurmerk en dus ook geen garantie dat het product aan de wet voldoet. Voor permanente, aan het gebouw bevestigde ankerpunten is er bovendien sinds september 2024 een aparte norm bijgekomen: NEN-EN 17235.
De vijf typen van NEN-EN 795
De norm deelt verankeringssystemen in naar vorm en gebruik.
Type A is het enkelvoudige ankerpunt, met daarbinnen twee varianten: A1 voor bevestiging aan verticale, horizontale of hellende constructiedelen zoals muren en kolommen, en A2 specifiek voor bevestiging aan hellende daken. Type B is het mobiele of verplaatsbare ankerpunt, dat de gebruiker zelf meeneemt en tijdelijk plaatst. Type C is een kabelsysteem: een flexibele horizontale ankerlijn van staaldraad, touw of band. Type D is een railsysteem: een starre, horizontale rail waarlangs de gebruiker zich verplaatst. Type E is het doodgewicht-anker: een ballastanker dat door zijn eigen gewicht op een nagenoeg vlak dak blijft staan, zonder dat er doorboord hoeft te worden.
Waarom een EN 795-certificaat niet altijd een CE-keurmerk betekent
Dit is de belangrijkste nuance van de hele norm, en tegelijk de minst bekende. EN 795:2012 is in december 2015 geharmoniseerd, wat betekent dat een product dat aantoonbaar aan de norm voldoet, mag worden verondersteld ook aan de Europese wetgeving te voldoen. Bij die harmonisatie is echter expliciet vastgelegd dat dit niet geldt voor de typen A, C en D: enkelvoudige ankerpunten, kabelsystemen en railsystemen. Juist de drie typen die het vaakst permanent op daken worden toegepast, zijn dus niet geharmoniseerd.
Het gevolg is concreet: op deze producten mag geen CE-keurmerk staan, en fabrikanten bepalen zelf welke testen uit de norm zij wel of niet uitvoeren. Een testrapport of certificaat "conform EN 795" is daarmee geen garantie dat een product alle relevante tests heeft doorstaan. Pas na een ongeval kan een toezichthouder alsnog vaststellen of een product tekortschoot, en de aansprakelijkheid ligt in eerste instantie bij de eigenaar of werkgever, niet bij de leverancier. Alleen type B (mobiele ankerpunten) en type E (doodgewicht-ankers) vallen wél onder de harmonisatie en kunnen dus een geldig CE-keurmerk dragen.
Dit is precies de reden waarom er voor permanente ankerpunten een aparte norm nodig was. NEN-EN 17235:2024 vult deze leemte op door permanente ankerpunten en kabel- of railsystemen expliciet te behandelen als bouwproduct onder de Verordening Bouwproducten (CPR), met eisen aan de constructieve bevestiging die in EN 795 voor deze typen ontbraken. Voor een tijdelijk, verplaatsbaar ankerpunt (type B) blijft EN 795 de relevante norm; voor een blijvend aan het gebouw bevestigd systeem is NEN-EN 17235 tegenwoordig het toetsingskader.
Hoe controleer je een ankerpunt als je niet op een CE-keurmerk kunt vertrouwen?
Voor de niet-geharmoniseerde typen is inhoudelijke controle noodzakelijk op drie punten.
Ten eerste de toelevering: vraag het testrapport van de fabrikant op, niet alleen het certificaat. Daarin staat welke onderdelen van de norm daadwerkelijk zijn getest en wat de resultaten waren.
Ten tweede het ontwerp: elke situatie op hoogte is anders, dus moet het systeem op maat zijn doorgerekend. Bij kabel- en railsystemen is dat des te belangrijker, omdat het systeem per project wordt samengesteld. Vraag naar de sterkteberekening (houdt het systeem de optredende krachten in déze configuratie?) en de berekening van de benodigde vrije valhoogte, inclusief het aantal en type dempers en de tussenafstand van de bevestigingspunten. Ook de onderliggende dakconstructie moet zijn doorgerekend: de fabrikant heeft bij het testen niet specifiek jouw dak als proefopstelling gebruikt.
Ten derde de installatie: er bestaat geen erkende certificering voor installateurs van valbeveiliging. Installateurs hebben vaak wel een fabrikantencertificaat, maar dat gaat zonder onafhankelijke inhoudelijke toetsing. Laat daarom een installatierapport opstellen, bij voorkeur door een onafhankelijke partij, en laat de installateur bij oplevering tekenen voor een correcte installatie conform de specificaties van de fabrikant en het doorgerekende ontwerp.
Testen voor meerdere personen: CEN/TS 16415
Sinds de herziening van 2015 is binnen EN 795 ook een aparte testmethode voor gebruik door meerdere personen tegelijk vastgelegd, in de technische specificatie CEN/TS 16415. Belangrijk om te weten: ook een wél CE-gecertificeerd ankerpunt (type B of E) dekt in de basis maar één gebruiker tegelijk. Is gelijktijdig gebruik door meerdere personen nodig, dan moet het systeem expliciet volgens CEN/TS 16415 zijn getest, want die specificatie zelf is geen geharmoniseerde norm. Bij NEN-EN 17235 is dit anders opgelost: die norm werkt met prestatieklassen die direct aan het toegestane aantal gebruikers zijn gekoppeld, met oplopende ontwerpwaarden voor de dynamische testbelasting: 9 kN bij één gebruiker, tot 13,5 kN bij vier gebruikers.
Een andere wijziging uit 2015: fabrikanten moeten sindsdien ook gebiedsbegrenzingssystemen (bedoeld om te voorkomen dat iemand een gevarenzone bereikt) laten testen op een daadwerkelijke val, om rekening te houden met voorzienbaar verkeerd gebruik. Ook is er sindsdien onderscheid tussen ankers met metalen en met kunststof onderdelen, waarbij kunststof onderdelen aan strengere eisen moeten voldoen vanwege het verouderingsproces van dat materiaal.
Tijdelijke versus permanente ankerpunten
Het praktische verschil zit in wat het systeem is en waar de verantwoordelijkheid ligt. Een tijdelijk ankerpunt (type B) is uitrusting: de gebruiker neemt het zelf mee, is verantwoordelijk voor correcte plaatsing bij elk gebruik, en het valt als PBM onder periodieke keuring. Een permanent ankerpunt is onderdeel van het gebouw: het wordt eenmalig geïnstalleerd en constructief beoordeeld, en de verantwoordelijkheid voor de blijvende deugdelijkheid ligt bij de gebouweigenaar, met een eigen onderhouds- en keuringsverplichting die los staat van wie het systeem op een gegeven moment gebruikt.
Dat onderscheid is ook de reden dat de keuze voor ankerpunten nooit een vrijblijvende eerste stap zou moeten zijn. Volgens de arbeidshygiënische strategie uit het Besluit bouwwerken leefomgeving is de toepassing van ankerpunten of lijnsystemen alleen toegestaan wanneer een permanente collectieve voorziening, zoals dakrandbeveiliging of een borstwering van minimaal één meter, technisch niet haalbaar is. Argumenten als kortdurende werkzaamheden of budget zijn daarbij wettelijk niet toereikend om van die volgorde af te wijken.
Wat betekent dit voor bestaande ankerpunten?
NEN-EN 17235:2024 werkt niet met terugwerkende kracht: een bestaand systeem hoeft niet per direct te worden vervangen. De zorgplicht uit het Besluit bouwwerken leefomgeving blijft echter onverkort gelden, ook voor bestaande bouwwerken. Artikel 3.5 stelt het zo: wie weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat de staat van het bouwwerk tot gevaar voor de gezondheid of veiligheid kan leiden, is verplicht alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs gevraagd kunnen worden om dat gevaar te voorkomen of te laten stoppen.
Voor een ankerpunt van het type A, C of D is dat extra relevant: omdat hier nooit op een CE-keurmerk kon worden vertrouwd, is de kans reëel dat een ouder systeem is aangeschaft zonder dat de toelevering, het ontwerp en de installatie ooit inhoudelijk zijn gecontroleerd. Een goede reden om een bestaand ankerpuntsysteem te laten toetsen op: een compleet installatiedossier, de bevestiging en onderliggende constructie ten opzichte van de optredende belasting, de functionele geschiktheid voor het beoogde gebruik met voldoende vrije valhoogte, en het reëel aanwezige valrisico. Ontbreekt die onderbouwing, dan is niet vast te stellen of het systeem nog voldoet, wat bij een keuring al genoeg reden kan zijn voor afkeuring.
Veelgestelde vragen
- Moet elk ankerpunt gecertificeerd zijn?
- Elk ankerpunt hoort een testrapport en documentatie te hebben, maar een CE-keurmerk is niet voor elk type mogelijk. Enkelvoudige ankerpunten, kabelsystemen en railsystemen (type A, C en D) zijn binnen EN 795 niet geharmoniseerd en kunnen dus geen CE-keurmerk dragen; daar is inhoudelijke controle van testrapport, ontwerp en installatie nodig. Permanente systemen van dit type vallen tegenwoordig onder NEN-EN 17235, met een prestatieverklaring in plaats van een CE-markering volgens EN 795.
- Wat is het verschil tussen NEN-EN 795 en CEN/TS 16415?
- NEN-EN 795 is de norm voor het verankeringssysteem zelf. CEN/TS 16415 is een technische specificatie binnen diezelfde norm, specifiek voor het testen van gebruik door meerdere personen tegelijk. Een CE-gecertificeerd ankerpunt dekt zonder deze aanvullende test in de basis maar één gebruiker.
- Wat is het verschil tussen NEN-EN 795 en NEN-EN 17235?
- NEN-EN 795 is een PBM-norm, met voor de meest toegepaste typen (enkelvoudige ankerpunten, kabel- en railsystemen) geen mogelijkheid tot CE-markering. NEN-EN 17235 is de nieuwe norm specifiek voor permanente, aan het gebouw bevestigde ankerpunten en kabel- of railsystemen, die deze systemen behandelt als bouwproduct met bijbehorende constructieve eisen en een prestatieverklaring.
- Kan ik mijn bestaande ankerpunten laten toetsen aan de huidige eisen?
- Ja, en dat is vaak verstandig, zeker bij enkelvoudige ankerpunten, kabel- of railsystemen zonder duidelijk testrapport, sterkteberekening of installatierapport. Een dakinventarisatie brengt in kaart of het systeem, de bevestiging en de documentatie nog aantoonbaar voldoen.
Wil je weten of jouw ankerpunten aan de huidige eisen voldoen?
Of het nu gaat om een nieuw systeem of een beoordeling van wat er al hangt: de enige manier om zekerheid te krijgen is een inventarisatie op locatie, waarbij we toelevering, ontwerp en installatie daadwerkelijk toetsen in plaats van af te gaan op een keurmerk alleen. Plan een vrijblijvende inventarisatie aan, of lees eerst meer over ankerpunten of wat er verandert met de nieuwe EN 17235-regelgeving.
Plan een vrijblijvende inventarisatie